Louise Bergez & Loes Swaenepoel

Een Parade van antihelden en andere protagonisten

Atelier B

Kan je een groepsportret maken met twee personen?
Kan je de wereld vatten in het korte tijdsbestek van een voorstelling?
Wat kunnen twee stemmen en twee lichamen met de bonte verschijningen van hun verbeelding?

In Louise's afstudeervoorstelling Een Parade van antihelden en andere protagonisten verkent ze samen met Loes manieren van ontmoeten en samen-leven. Onbekenden ontmoeten elkaar op een plein, soms zonder elkaar te leren kennen en zoeken naar woorden, in een poging tot dialoog, dwars doorheen tegenwoordige en verleden tijd. Hun bewegingen worden kostuums, hun woorden herinneringen.

Lees meer

Interview Louise Bergez & Loes Swaenepoel

Door Vincent Focquet
Louise Bergez (°1994) maakte aan de opleiding Drama van KASK Gent samen met Loes Swaenepoel (°1994) haar afstudeervoorstelling Een Parade van antihelden en andere protagonisten. Die voorstelling biedt een aandachtige blik op een plein en de mensen die het bewandelen.

VINCENT FOCQUET: Hoe hebben jullie elkaar leren kennen?
LOUISE BERGEZ: Dat gebeurde via Anna Carlier. Ik zat toen in het eerste jaar Drama aan KASK en Loes in het tweede jaar. Op dit moment vormen we samen met Anna en een stel andere makers en spelers Compagnie de Kolifokkers.

Wie heeft jullie werk beïnvloedt?
LB: Dan moeten we het wel over Nick Cave hebben. Zijn Murder Ballads, waarin al die verschillende verhalen aan bod komen, zijn voor ons heel belangrijk geweest. Maar ook de rest van zijn werk heeft ons sterk beïnvloedt. Wij zijn eigenlijk gewoon heel erg grote fans. Het is ook ongelooflijk hoe verscheiden zijn werk is, zelfs binnen een enkel album.
LOES SWAENEPOEL: Uiteindelijk was de grootste inspiratiebron toch de mensen zelf. Veel mensen die we op een of andere bus zagen of op een plein hebben geobserveerd, zijn via onze verbeelding de voorstelling binnengeslopen.

Hoe kwam 'Een Parade' van antihelden en andere protagonisten precies tot stand?
LB: Ik vrees dat mijn werkmethode nooit zal veranderen. Een Parade kwam dus, net als al mijn andere projecten, pas op het allerlaatste moment samen.
LS: We hadden op een bepaald moment best veel materiaal. Louise had bijvoorbeeld, geïnspireerd op Nick Cave, een heel aantal ballads geschreven. Maar die vertalen naar de scène bleek een moeilijke opgave. Dus hebben we alles omgegooid en zijn we uiteindelijk op een plein gaan zitten om naar mensen te kijken. Daar kreeg de voorstelling eindelijk vorm. Het is dus niet zo dat Louise haar tekst er eerst was en we toen zijn beginnen werken. Die tekst is doorheen het hele proces gegroeid.

Het keerpunt kwam dus op een plein. Wat is er daar concreet gebeurd?
LS: We hebben eigenlijk gewoon een heel lange tijd op een Gents plein gezeten. Alles wat we zagen hebben we toen op een zo objectief mogelijke manier genoteerd. De mensen op dat plein zijn personages geworden en hebben zich vermengd met degene die we daarvoor al verzonnen hadden. Die laatste hadden we vormgegeven vanuit de grote gevoelens. Die gevoelens hebben we vervolgens proberen te spreiden over de verschillende personages.

Waarom werd precies het plein jullie uitgangspunt?
LB: Pleinen zijn plekken waar mensen, zoals wanneer ze bij elkaar aan tafel zitten, met elkaar verbonden kunnen zijn maar waar ze niet over elkaar struikelen. Die connectie mis ik op dit moment, zowel in mijn eigen leven als in de wereld. Het jaar waarin ik Een Parade maakte was ik vaak verdrietig. Het zou kunnen dat ik de verbinding, die ik op dat moment zo miste, in de voorstelling ben gaan zoeken. Als het goed is, kan theater een plek zijn waar gemeenschap ontstaat.

Julie kiezen er wel voor om dat plein met z’n tweeën te spelen, vanwaar die keuze?
LB: Net omdat we het over die verscheidenheid willen hebben. Al die personages samen krijgen in een voorstelling met twee spelers, dat was en is een oefening in veelheid. Hoe schakel je als speler bijvoorbeeld tussen deze personages?
LS: Maar die uitdaging ligt ook bij het publiek. We dagen hun verbeelding uit om alles wat we geven levendig te houden. Zo moeten ook zij omgaan met het contrast van eenvoud en veelheid op scène.

Het is vandaag, zeker als jonge maker, bijna een statement om nog vanuit tekst te vertrekken. Was dat een bewuste keuze?
LB: Ik denk dat ik eigenlijk helemaal geen schrijver ben. Als ik op het schrijfproces terugkijk, weet ik ook niet helemaal hoe dat gebeurd is. Ik schreef gewoon. De vraag is: wat heb je nodig om het onzichtbare zichtbaar te maken op scène? Die tekst helpt daar zeker bij, maar we hebben ook onze lichamen keihard nodig. Zowel tekst als lichamelijkheid zijn methoden die wij inzetten om dat plein verbeeld te krijgen. Die twee strategieën spreken de verbeelding van de toeschouwer op een verschillende manier aan. Als je bijvoorbeeld alleen de tekst zou lezen, zou dat helemaal anders zijn, misschien zou je zelfs meer voor je kunnen zien.

Op welke manier kan de context van Bekegem invulling geven aan jullie voorstelling?
LS: Het plein is natuurlijk een redelijk universeel gegeven. Maar het zou bijvoorbeeld kunnen dat het gebrek aan verbinding dat wij in Gent voelden, zich in Bekegem helemaal niet zo voordoet. Misschien zegt iedereen elkaar daar gedag als ze elkaar ontmoeten. Het zou interessant zijn om de voorstelling opnieuw te maken met observaties die we in Bekegem doen, en dan te kijken hoe de voorstelling verschilt van de versie die we nu hebben.

UIT: PUBLICATIE KUNSTENFESTIVAL PLAN B 2018

Lees minder

Louise Bergez & Loes Swaenepoel

Bio

Louise Bergez (°1994, B) en Loes Swaenepoel (°1994, B) studeerden dit jaar af binnen de opleiding Drama van KASK Gent. Louise heeft er reeds samenwerkingen opzitten met Maatschappij Discordia, Michiel Vandevelde (i.s.m. fABULEUS) en Hannah De Meyer (i.s.m. Frascati). Loes werkte eerder samen met Fumiyo Ikeda, Marijke Pinoy en Piet Arfeuille (i.s.m. Theater Malpertuis). Naast Een Parade van antihelden en andere protagonisten werkten ze eerder al samen bij Anna Carliers compagnie de Kolifokkers.

Credits

Van/Met Loes Swaenepoel & Louise Bergez
Tekst Louise Bergez
Co-auteur Seppe Decubber
Mentoren Kristien Vandenbrande & Frederik Le Roy
Met steun van Het Entrepot 
Met dank aan Simon Baetens, Mats Vandroogenbroeck, Fabrice Delecluse, Flor Van Severen, Ward Dupan, Jan Van Hove, Ole Ceenaeme, Seppe Decubber, Gregory Abels, KASK Drama, Het Entrepot en vele anderen 

FOTO Tim Theo Deceuninck

Atelier B

Kan je een groepsportret maken met twee personen?
Kan je de wereld vatten in het korte tijdsbestek van een voorstelling?
Wat kunnen twee stemmen en twee lichamen met de bonte verschijningen van hun verbeelding?

In Louise's afstudeervoorstelling Een Parade van antihelden en andere protagonisten verkent ze samen met Loes manieren van ontmoeten en samen-leven. Onbekenden ontmoeten elkaar op een plein, soms zonder elkaar te leren kennen en zoeken naar woorden, in een poging tot dialoog, dwars doorheen tegenwoordige en verleden tijd. Hun bewegingen worden kostuums, hun woorden herinneringen.

Interview Louise Bergez & Loes Swaenepoel

Door Vincent Focquet
Louise Bergez (°1994) maakte aan de opleiding Drama van KASK Gent samen met Loes Swaenepoel (°1994) haar afstudeervoorstelling Een Parade van antihelden en andere protagonisten. Die voorstelling biedt een aandachtige blik op een plein en de mensen die het bewandelen.

VINCENT FOCQUET: Hoe hebben jullie elkaar leren kennen?
LOUISE BERGEZ: Dat gebeurde via Anna Carlier. Ik zat toen in het eerste jaar Drama aan KASK en Loes in het tweede jaar. Op dit moment vormen we samen met Anna en een stel andere makers en spelers Compagnie de Kolifokkers.

Wie heeft jullie werk beïnvloedt?
LB: Dan moeten we het wel over Nick Cave hebben. Zijn Murder Ballads, waarin al die verschillende verhalen aan bod komen, zijn voor ons heel belangrijk geweest. Maar ook de rest van zijn werk heeft ons sterk beïnvloedt. Wij zijn eigenlijk gewoon heel erg grote fans. Het is ook ongelooflijk hoe verscheiden zijn werk is, zelfs binnen een enkel album.
LOES SWAENEPOEL: Uiteindelijk was de grootste inspiratiebron toch de mensen zelf. Veel mensen die we op een of andere bus zagen of op een plein hebben geobserveerd, zijn via onze verbeelding de voorstelling binnengeslopen.

Hoe kwam 'Een Parade' van antihelden en andere protagonisten precies tot stand?
LB: Ik vrees dat mijn werkmethode nooit zal veranderen. Een Parade kwam dus, net als al mijn andere projecten, pas op het allerlaatste moment samen.
LS: We hadden op een bepaald moment best veel materiaal. Louise had bijvoorbeeld, geïnspireerd op Nick Cave, een heel aantal ballads geschreven. Maar die vertalen naar de scène bleek een moeilijke opgave. Dus hebben we alles omgegooid en zijn we uiteindelijk op een plein gaan zitten om naar mensen te kijken. Daar kreeg de voorstelling eindelijk vorm. Het is dus niet zo dat Louise haar tekst er eerst was en we toen zijn beginnen werken. Die tekst is doorheen het hele proces gegroeid.

Het keerpunt kwam dus op een plein. Wat is er daar concreet gebeurd?
LS: We hebben eigenlijk gewoon een heel lange tijd op een Gents plein gezeten. Alles wat we zagen hebben we toen op een zo objectief mogelijke manier genoteerd. De mensen op dat plein zijn personages geworden en hebben zich vermengd met degene die we daarvoor al verzonnen hadden. Die laatste hadden we vormgegeven vanuit de grote gevoelens. Die gevoelens hebben we vervolgens proberen te spreiden over de verschillende personages.

Waarom werd precies het plein jullie uitgangspunt?
LB: Pleinen zijn plekken waar mensen, zoals wanneer ze bij elkaar aan tafel zitten, met elkaar verbonden kunnen zijn maar waar ze niet over elkaar struikelen. Die connectie mis ik op dit moment, zowel in mijn eigen leven als in de wereld. Het jaar waarin ik Een Parade maakte was ik vaak verdrietig. Het zou kunnen dat ik de verbinding, die ik op dat moment zo miste, in de voorstelling ben gaan zoeken. Als het goed is, kan theater een plek zijn waar gemeenschap ontstaat.

Julie kiezen er wel voor om dat plein met z’n tweeën te spelen, vanwaar die keuze?
LB: Net omdat we het over die verscheidenheid willen hebben. Al die personages samen krijgen in een voorstelling met twee spelers, dat was en is een oefening in veelheid. Hoe schakel je als speler bijvoorbeeld tussen deze personages?
LS: Maar die uitdaging ligt ook bij het publiek. We dagen hun verbeelding uit om alles wat we geven levendig te houden. Zo moeten ook zij omgaan met het contrast van eenvoud en veelheid op scène.

Het is vandaag, zeker als jonge maker, bijna een statement om nog vanuit tekst te vertrekken. Was dat een bewuste keuze?
LB: Ik denk dat ik eigenlijk helemaal geen schrijver ben. Als ik op het schrijfproces terugkijk, weet ik ook niet helemaal hoe dat gebeurd is. Ik schreef gewoon. De vraag is: wat heb je nodig om het onzichtbare zichtbaar te maken op scène? Die tekst helpt daar zeker bij, maar we hebben ook onze lichamen keihard nodig. Zowel tekst als lichamelijkheid zijn methoden die wij inzetten om dat plein verbeeld te krijgen. Die twee strategieën spreken de verbeelding van de toeschouwer op een verschillende manier aan. Als je bijvoorbeeld alleen de tekst zou lezen, zou dat helemaal anders zijn, misschien zou je zelfs meer voor je kunnen zien.

Op welke manier kan de context van Bekegem invulling geven aan jullie voorstelling?
LS: Het plein is natuurlijk een redelijk universeel gegeven. Maar het zou bijvoorbeeld kunnen dat het gebrek aan verbinding dat wij in Gent voelden, zich in Bekegem helemaal niet zo voordoet. Misschien zegt iedereen elkaar daar gedag als ze elkaar ontmoeten. Het zou interessant zijn om de voorstelling opnieuw te maken met observaties die we in Bekegem doen, en dan te kijken hoe de voorstelling verschilt van de versie die we nu hebben.

UIT: PUBLICATIE KUNSTENFESTIVAL PLAN B 2018

Bio

Louise Bergez (°1994, B) en Loes Swaenepoel (°1994, B) studeerden dit jaar af binnen de opleiding Drama van KASK Gent. Louise heeft er reeds samenwerkingen opzitten met Maatschappij Discordia, Michiel Vandevelde (i.s.m. fABULEUS) en Hannah De Meyer (i.s.m. Frascati). Loes werkte eerder samen met Fumiyo Ikeda, Marijke Pinoy en Piet Arfeuille (i.s.m. Theater Malpertuis). Naast Een Parade van antihelden en andere protagonisten werkten ze eerder al samen bij Anna Carliers compagnie de Kolifokkers.

Credits

Van/Met Loes Swaenepoel & Louise Bergez
Tekst Louise Bergez
Co-auteur Seppe Decubber
Mentoren Kristien Vandenbrande & Frederik Le Roy
Met steun van Het Entrepot 
Met dank aan Simon Baetens, Mats Vandroogenbroeck, Fabrice Delecluse, Flor Van Severen, Ward Dupan, Jan Van Hove, Ole Ceenaeme, Seppe Decubber, Gregory Abels, KASK Drama, Het Entrepot en vele anderen 

FOTO Tim Theo Deceuninck